ZuidOost Brabant.
Sporten is ontzettend leuk en ook nog goed voor je!
Artikel uit het blad Mening informatief magazine van Mee Zuid Oost
Brabant



Marianne Verdonk in actie.
Atlete Marianne Verdonk
wint medaille na medaille
Marianne Verdonk uit Geldrop is met recht een topatlete te noemen. Op de atletiekbaan wint ze medaille na medaille. Ze reist van het ene grote toernooi naar het andere en traint tussendoor erg hard om de beste te blijven. 'Vier keer per week heb ik 's avonds training. Daarnaast doe ik thuis oefeningen. Vooral sterke buikspieren zijn heel belangrijk in mijn sport.'



Samen met haar moeder zit Marianne aan tafel. Af en toe helpt haar moeder met het naar boven halen van herinneringen. ‘Ik ben nu 21 jaar. Tien jaar geleden ben ik begonnen met atletiek. In Utrecht startten ze toen met een G-groep (groep voor mensen met een verstandelijke beperking, redactie). We werden als club uitgeloot voor de Special Olympics in Amerika. Daar won ik mijn eerste medaille: brons voor het onderdeel verspringen. Op vijftienjarige leeftijd kon ik meedoen aan het Nederlands Kampioenschap atletiek en won op alle vijf de onderdelen goud. Vanaf dat moment doe ik aan alle grote nationale en internationale toernooien mee.
Strak schema
Marianne vertelt dat er weinig tijd over blijft voor andere dingen naast haar
werk en haar sport. ‘Elke dag sta ik om zeven uur naast mijn bed. De bus komt me
om kwart over acht halen voor het werk. Daar ben ik van negen tot vier uur. Dan
naar huis, op tijd eten, omkleden, spullen pakken en naar de training om half
zeven ’s avonds. Om half negen ben ik klaar, naar huis, douchen en om tien uur
naar bed. Soms vind ik het wel jammer dat ik niet echt tijd heb om buiten te
spelen. Maar ik wil het sporten echt niet opgeven. Dat vind ik nog steeds veel
te leuk.’
Niet meedoen met Paralympics
Op de vraag waarom Marianne niet meedoet met de Paralympics in Peking, neemt
haar moeder het even over. ‘Mensen met een verstandelijke beperking mogen nog
steeds niet meedoen met de Paralympics. Er is ooit gefraudeerd door een
basketbalteam waar 70% van de spelers helemaal geen beperking had. Toen is
besloten dat er een soort keuringssysteem moest komen. Probleem is echter dat
het een test moet zijn die voor alle deelnemers gelijk is. Taal is allereerst
een probleem. Marianne spreekt bijvoorbeeld geen Engels. Daarnaast is cultuur
een probleem omdat wij heel goed weten wat een stofzuiger is maar bijvoorbeeld
een Afrikaanse deelnemer nog nooit zoiets gezien heeft.’
Marianne vult aan dat ze het heel jammer vindt dat ze er niet bij kan zijn. ‘Maar ik blijf trainen en hoop dat ik in 2012 wel mee mag doen.’ In de tussentijd heeft Marianne het razend druk met andere wedstrijden. ‘Dit jaar ben ik al in Estland geweest voor het Wereldkampioenschap, waar ze drie zilveren en een bronzen medaille won. Eind mei waren de Nederlandse kampioenschappen en begin juni heb ik meegedaan aan de Nationale Special Olympics in Amsterdam. Aan het eind van deze maand zijn de Europese kampioenschappen in Manchester.’
Hoogspringen het allerleukste
Hoeveel medailles ze al heeft gewonnen, weet ze niet precies. Het zijn er in
ieder geval erg veel. ‘Op de 100 meter sprint ben ik het allerbeste,
hoogspringen vind ik het allerleukste en internationaal heb ik de meeste
medailles gewonnen met hordelopen. Soms is het wel jammer dat er zo weinig
aandacht wordt besteed aan topsporters met een beperking. Ik ben nu een keer op
televisie geweest en sta wel regelmatig in de regionale bladen. Maar landelijk
zie je weinig sporters met een beperking die op televisie komen.’ Elke
topsporter heeft hele mooie momenten, maar maakt ook regelmatig een
teleurstelling mee. Marianne weet dat maar al te goed. In 2005 is ze in
Australië wereldkampioen geworden op de 400 meter hordelopen. Daar stond ze dan,
op het hoogste podium. Een hele mooie herinnering. Na deze wereldtitel had ze
een Wereldkampioenschap in Brazilië. ‘Ik dacht dat ik ging winnen maar werd op
het laatste moment toch derde. Toen was ik best teleurgesteld.’ Als een echte
topsporter ziet ze ook hier de positieve kant van in. ‘Nu ga ik gewoon extra
hard trainen om de volgende wedstrijd wel weer eerste te worden.’